Kies lekker zelf

Modest fashion viert dat de vrouw de vrije keuze heeft om zich modieus te kleden, ongeacht de hoeveelheid stof waarin zij zich wikkelt. Hasna el Maroudi, publiciste, columniste en radiomaker, dook in dit internationale culturele fenomeen en deelt haar eigen ervaring.

De ‘modest fashion’-industrie is een miljardenindustrie, ontstaan vanuit de behoefte van vrouwen om zich meer bescheiden (lees: bedekt) te kleden. Sommigen vanuit religieuze overwegingen, anderen omdat ze zich willen onttrekken aan de ‘male gaze’, ofwel de seksualisering door mannen van het vrouwelijk lichaam.

In de ontwikkeling van modest fashion hebben gesluierde vrouwen een voortrekkersrol gespeeld. De oorsprong daarentegen is niet religieus: het waren Mary Kate en Ashley Olsen die met hun label The Row de look muntten. Hun typische stijlhandschrift is gelaagd, bedekt en tegelijkertijd enorm uitgesproken. Niet in de laatste plaats omdat zij er geregeld voor kiezen zich op de rode loper te bedekken, terwijl de rode loper bij uitstek de plek is waar menigeen juist meer huid toont.

Mary Kate en Ashley Olsen

Reina Lewis, auteur van het essay Muslims and Fashion Now and Then, schrijft dat de behoefte van moslima’s om zich bescheiden én modieus te kleden niet uit de lucht komt vallen. Ze willen ermee laten zien dat ook zij meedoen aan het hedendaagse westerse leven. Door zich modieus te kleden proberen moslima’s visueel het beeld tegen te gaan dat islamitische culturen ‘primitief’ zouden zijn, of zich ‘lager op de evolutionaire schaal’ bevinden, schrijft Lewis. Hierbij handig gebruikmakend van de nieuwe trend.

Hijabi influencers

Gesluierde moslima’s en mode - lange tijd leek dat inderdaad een wat vreemde combinatie. Mede door beeldvorming en vooroordelen, bestond er een beeld van moslima’s dat ze werden onderdrukt. Maar wie anno 2019 door de blogosfeer of Instagram scrollt, struikelt over de ene na de andere hijabi-influencer. Bijvoorbeeld de Amerikaanse Marwa Atik, die hoofddoeken ontwerpt, of de Amerikaanse atlete Ibtihaj Muhammed, inmiddels hét gezicht van de Nike pro hijab, de sporthoofddoek van Nike. Maar ook dichter bij huis wemelt het van de modest fashion-influencers.

"Emancipatie draait om het maken van je eigen keuze"

De Antwerpse Sarah Dimani bijvoorbeeld. Zij kwam onlangs in het nieuws doordat ze besloot niet langer een hoofddoek te dragen, al doet dat aan haar bescheiden manier van kleden niets af. Nog dichterbij huis fotografeert Meryem Slimani haar moeder geregeld als streetwear-icoon, gestyled met kleding van zichzelf, haar moeder en haar echtgenoot. Het resultaat is hip, excentriek en ademt Rotterdamse coolness. Met de foto's wil Slimani laten zien dat er niet één soort moslima bestaat en dat vrouwen prima zelf kunnen beslissen hoe ze erbij willen lopen. Tegenover VICE verklaarde zij: “Zowel binnen als buiten de Marokkaanse gemeenschap bestaan zoveel vooroordelen en ‘regeltjes’ over wat vrouwen wel en niet kunnen, horen of mogen doen met hun lijven en levens. Ik hoop te laten zien dat wij dat heel goed voor onszelf kunnen bepalen en ons niets hoeven aan te trekken van wat de buitenwereld of de buurvrouw van ons vindt.”

De hippe moeder van Meryem Slimani: Najate Leklye


Nieuw tijdperk

Toch zijn moslima’s an sich geen nieuwe doelgroep voor de modewereld. De islamitische wereld is een vermogende wereld. De eerste keer dat ik vrouwen in een niqaab - een sluier die het gezicht bedekt en de ogen vrijlaat - zag lopen was vijftien jaar geleden in Parijs, in de Galeries Lafayette, het Franse equivalent van De Bijenkorf. Deze vrouwen waren van het slag olierijk en sloegen de laatste designer-mode in. Uit hun designertassen haalden ze waslijsten langer dan mijn kerstboodschappenlijst, met erop hun wensenlijst aan tassen, schoenen en kleding. De producten werden ingepakt, afgerekend en door hun medewerkers in de dubbel geparkeerde Hummers gehesen. Onverstoorbaar werkten ze winkel na winkel af, zich niet bewust van of onverschillig over de blikken van anderen.

Hoewel ik familieleden in Marokko heb die hun gezichten op straat bedekken, ging er door hun verschijning in dat luxe warenhuis een alarmbel bij me af. Een paar jaar eerder hadden de aanslagen van 9/11 plaatsgevonden, Amerikaanse troepen waren kort daarop Afghanistan binnengevallen, om onder meer vrouwen uit de boerka en de klauwen van de Taliban te bevrijden. Niet lang daarna werd Theo van Gogh vermoord door Mohammed B. De beeldvorming van moslims was eufemistisch gesteld niet bepaald positief. En dat had ook zijn uitwerking op mij, notabene zelf een moslima. De wereld veranderde zienderogen en de angst voor ‘de’ islam groeide.

Dat kón dus. Inmiddels, zo beeld ik me in, dragen die vrouwen onder hun niqaab het T-shirt van Dior met de tekst ‘We should all be feminists’, geleend van de feministische Nigeriaanse auteur Chimamanda Ngozi Adichie. Dat T-shirt, ontworpen door Maria Grazia Chiuri, de creative director van Dior, luidde een nieuw tijdperk in binnen de modewereld. Eén waarin de rol van vrouwen in onze maatschappij kritisch onder de loep wordt genomen. In al haar ontwerpen borduurt Chiuri verder op dit thema, door vrouwen weliswaar delicaat, maar ook stevig neer te zetten, als wezens vol vechtlust, die zich - tegen het stereotype beeld in – bezighouden met wereldpolitiek.

Economische prikkels

Na de aanslagen in New York was de islam lange tijd taboe in de westerse modewereld. Inmiddels is dat anders. Dat heeft vooral economische gronden. Op de exorbitante rijkdom van de Golfstaten speelde menig modehuis al jaren in - denk alleen al aan de abaya’s - de gewaadachtige jurken, van Dolce & Gabbana, of de Resort Collectie die Chanel in 2015 in Dubai presenteerde, compleet in duizend-en-één-nacht-sfeer.  Maar de laatste tijd krijgen steeds meer merken en ontwerpers oog voor het groeiende aantal islamitische consumenten in het Westen zelf. Zo kwam Donna Karen in 2014 met een Ramadan-collectie, gevolgd door Oscar de la Renta in 2015. Ook modeketens Zara en Mango kwamen in dat jaar met een ‘modest’ Ramadan-collectie. Modehuizen als Sandro en Michael Kors presenteren speciale ‘capsule-collecties’ – collecties van essentiële kledingstukken – tijdens islamitische feestdagen. En H&M zorgt er al jaren officieus voor dat er rond de islamitische feestdagen wat langere rokken in de winkels hangen.

Influencer Leena el Ghouti in een outfit van de DKNY- ramadancollectie

De modest fashion-industrie werd aanvankelijk aangevoerd door talloze Modest Muslim Fashion Brands, gepopulariseerd door islamitische influencers als Dina Tokio die zelfs een samenwerking aanging met het Londense warenhuis Liberty. Inmiddels geven steeds meer (westerse) modeontwerpers zich er massaal aan over. En met de nodige creativiteit weten ook kleine labels een plek op deze markt te veroveren. Zo ontwerpt Laila Aziz voor haar label Kayat jurken op het snijvlak van de Marokkaanse kaftan en de meer traditionele avondjurk. Een andere ontwerper die haar roots in haar werk incorporeert, is Lisa Folawiyo uit Nigeria, die westerse kleermakerstechnieken combineert met West-Afrikaans textiel, kralen en pailletten.

Je hoeft de ontwikkelingen in de mode niet op de voet te volgen om te zien dat er grote veranderingen plaatsvinden. Lange tijd richtte de strijd voor meer diversiteit binnen de modewereld zich op meer modellen van kleur en plussize-modellen. Maar die toevoeging aan het modellenarsenaal is niet voldoende. De roep om diversiteit of inclusiviteit heeft namelijk alles te maken met representatie. Consumenten willen zichzelf kunnen herkennen in de beelden die ze te zien krijgen, en die consument kan tegenwoordig ook Fatima heten.

Nu de modewereld meer en meer inspeelt op de behoeftes van de islamitische wereld, is het voor vrouwen – gelovig of niet – makkelijker geworden zich bescheiden te kleden, zonder in te hoeven leveren op het fashion-gehalte van de outfit. Desondanks wordt modest fashion door onderzoekers en antropologen als Reina Lewis nog steeds voornamelijk in verband gebracht met de islamitische doelgroep. De tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Schiedam laat zien dat de wereld van modest fashion verder reikt dan dat en veel meer gaat over vrouwen die hun lichaam terugeisen en ongehinderd door ideaalbeelden en verwachtingspatronen, zélf kiezen hoe ze erbij lopen.

Meriem Bouderbala, Ava Exuvae, 2019

Zo ontwikkelde ‘e-tailer’ Ghizlan Guenez uit Dubai de website Modist waarop ze bewerkte designerkleding verkoopt. Lees: langere rokken, hogere halslijnen. In een interview met Bazaar legt Guenez uit dat het idee voor de website ontstond uit de behoefte van vrouwen uit haar eigen omgeving, “die allemaal van mode hielden en bescheiden gekleed waren, maar moeite hadden om kleding te vinden die aan hun behoeften voldeed”. Ook zij signaleert dat modest fashion niet alleen onder vrouwen met een islamitische achtergrond populair is. Voor joodse en christelijke vrouwen die fashionable willen zijn, is het vaak ook een uitkomst. En dan zijn er uiteraard nog de vrouwen die zich meer willen bedekken om zich aan het mannelijke oog te onttrekken.

De advocaat van de duivel zou kunnen stellen dat bescheiden kleding onderdeel uitmaakt van de nieuwe preutsheid. De samenleving lijkt van een vrije seksuele moraal, onder meer bevochten door feministen van de tweede golf, doorgeschoten naar het andere uiterste. Op sociale media worden foto’s van tepels – ook die van vrouwen die borstvoeding geven – tegenwoordig verwijderd, men durft zich op het strand niet meer en plein public te verkleden. De minirok – eens een gevierd symbool van vrijheid – staat zo op het eerste gezicht haaks op hetgeen modest fashion uitdraagt. Maar is dat wel zo? Volgens Guenez staat modest fashion juist symbool voor de emancipatie van de vrouw. “Emancipatie gaat niet over alles onthullen of alles verhullen, emancipatie draait om het kunnen maken van een eigen keuze.”

Modest fashion viert kortom dat de vrouw nu de vrijheid heeft om te kiezen hoe zij zich wil kleden. Of het nu gaat om de keuze om wel of geen hoofddoek of de keuze om wel of geen korte rok te dragen: de modewereld faciliteert de diversiteit en zorgt ervoor dat vrouwen hun individualiteit modisch kunnen vieren, zonder in een keurslijf gedwongen te worden.

Bezoek de tentoonstelling Modest Fashion. Met het openbaar vervoer op 20 minuten van Rotterdam Centraal. Koop tickets aan de kassa of online.

Koop tickets

Deel deze pagina